donderdag 7 mei 2009

De onvriendelijke mensheid

11% van de Nederlandse bevolking heeft een universitaire opleiding genoten, volgens cijfers uit 2006. Laten we even stellen dat intelligentie sterk correleert (samenhangt, sorry, als psycholoog in spé wilde ik dit woord er per se ingooien) met opleidingsniveau. Dan zou je dus kunnen zeggen dat ik, als studente, behoor tot de 11% van de Nederlanders met de meeste hersenen (figuurlijk gesproken). Puur hypothetisch gezien natuurlijk.
- Ik, volgens deze aanname ‘lid’ van de intelligentste zoveel duizend (you do the math) mensen van ons land, verdoe per week minstens 10 uur van mijn kostbare tijd aan geld verdienen in de – jawel – supermarkt. Ik weet niet of het onthullen van dit feit gelijk staat aan sociale zelfmoord, in dat geval: ik heb een leuk leven geleid. In welke supermarkt ik werkzaam ben zal ik (voorlopig nog) niet mededelen, ik weet namelijk niet hoe actief deze supermarktketen het internet afzoekt op negatieve zoektermen.
- Hoe dan ook, er zijn duizenden dingen die ik zou kunnen vertellen over het werken in de supermarkt, het zou je verbazen. Dat komt allemaal misschien nog wel in de toekomst, voor nu wil ik jullie alleen wat bijbrengen over mijn visie op de Nederlandse consument. Ik ervaar de Nederlandse consument in de supermarkt namelijk als ronduit vervelend.
- Op zaterdag sta ik eerste kassa. Dan zit je dus op een drukke koopdag, waarop mensen de ‘grote boodschappen’ doen, zeker omdat we op zondag gesloten zijn, te scannen als een malle. ‘Scannen voor het vaderland’ is een uitdrukking die ik regelmatig in de mond neem. Scannen, scannen, scannen, afrekenen, een derde kassa bijroepen en weer scannen. Ik zweer je, caissière zijn wordt onderschat.
- Het probleem is dat ik op vrijdag uitga. En af en toe een drankje drink. En af en toe een drankje te veel drink. Dan zit je je dus met je brakke katerkop de HELE dag rot te voelen en ondertussen moet je ook nog vriendelijk zijn tegen de klant. Ik wil hiermee zeggen dat mijn stemming om te beginnen al niet écht top is.
- Maar waar ik eigenlijk naartoe wil werken is mijn volgende bevinding: de gemiddelde consument is kut. Simpelweg onvriendelijk tegen caissières. Ze zien je als robot, bediende, iemand die zijn werk maar snel moet doen zodat ze weer naar huis kunnen. Een klein beetje vriendelijkheid is toch niet te veel gevraagd? Negen van de tien mensen zijn nors, chagrijnig, verveeld, hebben geen zin in boodschappen doen en zien het als verplichting, kijken me niet eens aan of zuchten, steunen en kreunen. Mensen reageren dikwijls niet op wat ik zeg, negeren je gewoon. Een ander bekend fenomeen zijn de mensen die onverstaanbaar praten, ook behoorlijk irritant. ‘Spaart u koopzegels?’ vraag ik dan, en een gemompel als antwoord. En dan ook nog boos worden als ik het een tweede keer moet vragen. Ook worden klanten vaak kwaad op mij als die stomme computer een aanbieding niet aanslaat en de klant daardoor wel 15 eurocent te veel betaald. Mijn baas heeft de actie dan onjuist in de computer ingevoerd, totaal niet mijn pakkie an. Maar toch krijg ik alle shit over me heen, moet ik weer een leidinggevende erbij roepen, etc. Laatst raakte er een meisje behoorlijk gepikeerd omdat ik om haar ID vroeg terwijl ze 21 was. Kan ik er wat aan doen dat ik als ik iedereen tot 20 jaar op leeftijd moet controleren af en toe een inschattingsfout maak! Echt, je word wel eens gek. Overigens zijn Polen hele makkelijke klanten, ze zeggen niet veel, maar hoeven nooit de bon. Dat ter zijde.
- Heel af en toe, met de nadruk op ‘heel’, komt er iemand voorbij die naar je lacht. Één kleine glimlach, en mijn dag is al gemaakt. In een zeldzaam geval maakt iemand een praatje, dan begin ik helemaal vrolijk te worden. Waarom kunnen er niet meer mensen zo zijn?
- Maar nee, de meerderheid is chagrijnig. Dan zit ik me uit de naad te werken, krijg ik er alleen rotkoppen voor terug. In de erge gevallen wil ik er iets van zeggen.
- ‘Sorry, ik ben aan het werk. Kun je effe… Effe gewoon een klein stukje aan de kant gaan? Want ik zie je de hele tijd en daar word ik een beetje para van. En als ik para word, dan kan ik niet werken, dan moet ik ‘m gewoon spacen. Dus of je gewoon effe… Misschien kun je effe gewoon in het magazijn gaan staan. Dat lijkt mij gewoon echt een – dat lijkt me een heel goed idee. En misschien kun je ook meteen nog even een tosti maken voor mij, Marte, je caissière. Je kent me wel. Ik ben nog bij je moeder thuis geweest. Bloemen mee, bonbons, alles. Maar vandaag doe ik een beetje raar. Ik heb niet geslapen en ik heb d’r geen zin an. En jouw aanwezigheid maakt het er ook niet beter op. Het lijkt bijna een soort van MTV’s Boiling Points. Maar dat is het niet, het is nog pijnlijker. En of je effe op wil teffen. En de fles met jenever even aan wil geven, aan Marte, je caissière.’

4 opmerkingen:

  1. Zeer herkenbaar hier. Mail me even jouw werkdagen, dan kom ik met een stralend gezicht dingetjes kopen; neem ik gelijk een tosti voor je mee, Marte, mijn cassière.

    X

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Bravo, gooi het eruit. Als aanstaande psycholoog kan je zelf niet met opgekropte gevoelens gaan lopen natuurlijk. Jammer dat ik nu niet weet welke supermarkt je werkt. Ik ben namelijk zo'n super speciaal iemand die cassiéres niet onderschat (soms overschat, dat terzijde). Oh, en leuk dat je correleert erin gooit. Ik herkende dat je een psycholoog in spé was! Een echte psycholoog weet dat de hoeveelheid hersenen niet correleert met intelligentie :D

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Wat een grappig stukje!
    Ik heb ook achter de kassa gewerkt in een supermarkt, voordat ik mijn reis ging maken. De mensen zijn inderdaad niet allemaal even vrolijk. In Australie zijn ze over het algemeen vriendelijker, minder geirriteerd. Maar goed, veel mensen in Nederland hebben zo'n druk en stresvol leven. Er zijn moeders met kinderen, die vijf dagen per week werken en als het eindelijk weekend is, moeten ze ook nog boodschappen doen. Daar word je ook niet altijd vrolijk van ;)!

    Groetjes, Myrthe

    BeantwoordenVerwijderen