vrijdag 22 mei 2009

Droomhaar

Een meisje uit mijn tennisgroep heeft mijn droomhaar: zwart, immens lang en met een tikkeltje slag. Ze draagt het tijdens het sporten meestal in een lange staart, zodat het niet voor haar ogen valt. Als ze tennist zwiept die lange staart door haar bewegingen van links naar rechts. Heel naturel, omdat het is zo lang is natuurlijk. Ik probeer het vaak na te bootsen, omdat ik er eigenlijk een beetje jaloers op ben. Krampachtig zwaai ik dan mijn hoofd heen en weer, in de hoop dat mijn haar ook die natuurlijke swing krijgt. Nu ik erover nadenk, dat mijn tennismaten nooit vragen of ik een spastische tik met mijn hoofd heb verbaast me.
- Afgelopen training droeg ze een vlecht. Vlechten zijn van die haardrachten waarbij je negen van de tien keer denkt: nee, net niet. Maar bij haar denk je dan weer: ja, precies wel. Zonder speldjes en klipjes en ondanks haar wilde tennisbewegingen bleef de vlecht perfect in model zitten, iets wat ik van mijn leven niet voor elkaar krijg. Als ik een vlecht maak in mijn haar heb ik om te beginnen al 100 klipjes nodig om te zorgen dat de plukken er niet uitvliegen. Als ik het resultaat dan eindelijk naar wens heb gekregen, kan ik mijn hoofd praktisch niet bewegen wil ik de vlecht in stand houden. Niet ideaal.
- Kijk, het zit zo. Ik kreeg in december het niet onaardige idee om naar de kapper te gaan. Daar liet ik vol verwachting een schuine-pony-achtig-geval knippen. Je weet wel, zoals de meiden in The Hills hun pony ook altijd heel elegant schuin hebben hangen, zo wilde ik het ook. Jammer dat de kapster die mijn haar knipte niet zo bekwaam was als ik hoopte en mijn haar fataal ruïneerde. Eenmaal thuisgekomen kreeg ik het briljante idee om de pony naar eigen inzicht te perfectioneren. Toen zat het inderdaad erg leuk. Voor één hele dag. De volgende ochtend moest ik helaas constateren dat ik voor de rest van mijn leven – of in ieder geval de komende jaren – een mislukte pony had. Ik moest met klipjes gaan werken om dat verdomde ding te maskeren. En dat nu al een half jaar lang, don’t you feel sorry for me?
- Terug naar mijn droomhaar. Vroeger al, toen ik een jaar of vier was, wilde ik zwart haar hebben. Als ik met Barbies speelde wilde ik ook altijd per se de Barbie met het zwarte haar hebben. En ik wilde liever Esmeralda van de Klokkenluider van de Notre Dame zijn dan – laten we eens wat Disney-kennis naar boven halen – Doornroosje of Assepoester. Ik ben zelfs ooit met carnaval als Esmeralda verkleed gegaan, mijn moeder had een prachtige paarse rok genaaid en uiteraard had ik mijn haar zwart gespoten. Hoe spijtig dat die verf maar één dag bleef zitten.
- We hadden ooit een getinte schoonmaakster met zwart haar, Na. Al onze voormalige schoonmaaksters vond ik lelijk, we hadden dikke Jannie die altijd zandkoekjes bij haar koffie nam en Spaanse Jolanda waarvan ik me alleen nog maar herinner dat ze eens een hele parmaham aan ons gaf. Maar tegen Na keek ik op. In mijn verbeelding was Na zelfs een bloedmooie vrouw. Als ik haar nu nog eens zou ontmoeten zou ik die mening vast en zeker wat nuanceren, maar dat ter zijde. Ik wilde Na´s haar, en Na wilde blond zijn, dus maakten we de afspraak om te ruilen van haarkleur. Als dat toch eens zou kunnen.
- Na had een dochter, Kim, een meisje met eveneens zwart haar die een jaar of twee ouder was dan ik. Ik ging bij Kim logeren en we besloten een video te kijken, Kim stelde The Titanic voor. Ik wist dat ik die film eigenlijk nog niet mocht zien van mijn ouders, maar maakte wijs van de gelegenheid gebruik, dus stopten we die beroemde Oscarwinnende film in de videorecorder.
‘Gaat Rose dood?’ vroeg ik midden in de film in spanning.
‘Nee hoor!’ zei Kim opgelaten.
‘Gaat Jack dood?’ wilde ik nu weten.
‘Dat moet je maar afwachten.’
Jammer dat ik toen het antwoord al wist.
- We, mijn broertje en ik, mochten met Na en Kim en haar broer mee naar een feest. Een feest met allemaal Vietnamese mensen met zwart haar. Mooie mensen, vond ik op mijn zesde. Mijn broertje Kasper ging als piepklein ventje handje drukken met ‘de oude jongens’. Ik was apetrots toen mijn eigen broertje die grote kerels versloeg. Er moest minstens tien jaar leeftijdsverschil tussen zitten, wat was mijn broertje toch sterk. ‘Mama, mama, Kasper won met handje drukken van jongens van achttien!’. Pas nu ik zelf achttien ben besef ik dat ze hem gewoon lieten winnen. Weg mooie illusie van het onmenselijk sterke broertje.
- Maar Na vertrok op een gegeven moment uit beeld en daarmee haar dochter en mijn vriendinnetje Kim. In ieder geval hoefde ik niet meer jaloers te zijn op hun haarkleur. Die rol heeft dat meisje uit mijn tennisgroep inmiddels op zich genomen. Begerig werp ik er elke training toch weer een blik op. Het ironische van het leven is alleen dat we altijd willen wat we zelf niet hebben. Als ik zwart haar had, zou ik waarschijnlijk naar mijn eigen donkerblonde haar verlangen. Het is ook nooit goed.

4 opmerkingen:

  1. HA! Ik heb zwart haar! ;)

    ...maar ik kan geen vlecht, denk ik :(

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Je mag mijn zwarte haar, Marte, al te graag. Ik haat zwart haar. Nu jah, ik haat zwart haar bij mijzelf XD. Ik vind het mooi als de huidskleur dan blank is, ofzo (A). Anywayz, geef mij jouw blonde haren maar, dan krijg je mijn zwarte ;p.

    (zou btw wel heel raar staan, een chinees met blond haar *fluit)

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Met blond kan je het zwart maken, met zwart kan je het moeilijker blond maken... maar ja, als je het zwart wilt is dat natuurlijk totaal niet van toepassing ;).

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Lieve marte,

    Geweldig hoe je het voor elkaar krijgt zo'n verhaal op te schrijven..
    Je moet er maar over nadenken, heel goed.. Schrijf je al voor elle? :) Of alleen op het forum, dan moet ik daar anders ook weer eens gaan kijken :)

    goede vakantie !

    BeantwoordenVerwijderen